Auslegen in het Nederlands

Auslegen in het Nederlands – vertaling en voorbeelden

Het Duitse woord of de Duitse uitdrukking Auslegen wordt in het Nederlands meestal vertaald als uitleggen.

Vertaling

  • Auslegen → uitleggen

Synoniemen en andere vertalingen

  • interpreteren
  • verklaren
  • uitleg geven

Voorbeelden

  • Das Gesetz ist oft schwer auslegen. → De wet is vaak moeilijk te interpreteren.
  • Er wollte das Bild falsch auslegen. → Hij wilde het schilderij verkeerd uitleggen.