Haus in het Nederlands

Haus in het Nederlands – vertaling en voorbeelden

Het Duitse woord of de Duitse uitdrukking Haus wordt in het Nederlands meestal vertaald als huis.

Vertaling

  • Haushuis

Synoniemen en andere vertalingen

  • woning
  • thuis
  • gebouw

Voorbeelden

  • Das Haus ist groß. → Het gebouw is groot.
  • Wir gehen ins Haus. → We gaan naar de woning.