Teppich in het Nederlands

Teppich in het Nederlands – vertaling en voorbeelden

Het Duitse woord of de Duitse uitdrukking Teppich wordt in het Nederlands meestal vertaald als tapijt.

Vertaling

  • Teppich → tapijt

Synoniemen en andere vertalingen

  • vloerkleed
  • tapijtstuk
  • mat

Voorbeelden

  • Der Teppich liegt im Wohnzimmer → Het vloerkleed ligt in de woonkamer
  • Der alte Teppich muss gereinigt werden → Het oude tapijtstuk moet worden schoongemaakt